Langzaam kruipt de zomer dichterbij en de temperatuur kruipt omhoog. We zijn blij dat we vorig jaar een kleine airco geinstalleerd hebben want bij 40 graden wordt het lastig om het hoofd koel te houden. Gelukkig is het niet iedere dag zo heet maar we hebben een paar hele warme dagen gehad. Langzaam begint ook het besef door te dringen dat we nu echt weggaan. Soms bekruip me een weemoedig gevoel over de dingen die ik zal missen zoals de ezelskarretjes, de gezellige chaos en de zon die altijd lijkt te schijnen, ook al is die soms versluierd door de smog. Egyptenaren moeten vaak het meeste wennen aan de rust ’s avonds op straat als ze naar een Westers land gaan. Hier komt het leven pas ’s avonds echt op gang. Het verkeer is het drukst na zonsondergang. Ik denk niet dat we dat ook gaan missen. Wij houden wel van een beetje rust na het avondeten.
Afgelopen vrijdag gingen we naar onze huisbazin om de huur te brengen en het treurige nieuws van ons vertrek. We hadden Naomi meegenomen om de gemoederen een beetje af te leiden. Egyptenaren zijn gek op kleine kinderen, vooral als ze geel haar en blauwe hebben. Gelukkig viel het niet al te zwaar. Ze had net weer iemand gevonden die wellicht de flat wil kopen. Onder het genot van een glaasje cola en een Egyptische muziekzender op tv hebben we de details besproken in Arabisch, Engels en Frans. Als het nu niet duidelijk is..
Diezelfde middag waren we uitgenodigd bij een Egyptische collega van Claudette die naast ons ook een andere collega had uitgenodigd die net haar ouders en broers over had uit Australie. Zelfs een huisgenootje was van de partij omdat ze die natuurlijk moeilijk konden overslaan. Ze woont in een wijk aan de rand van de stad met een overdaad aan tuk-tuks en af een toe open stukjes land waar iets groens op verbouwd wordt. Rhada had ook twee ooms en tantes met kinderen over de vloer, om te helpen en om die buitenlanders eens goed te bekijken. Het hele gezelschap werd in twee smalle kamers geperst met precies twee ventilatoren om ons koel te houden. Onder het wakend oog van Maria en Sint Joris die vanuit goudkleurige lijsten op ons neerkeken genoten we van zelf gemaakte drankjes en kregen we de kans om haar familie beter te leren kennen. Al snel was het tijd voor de maaltijd. Er was zoveel eten klaargemaakt dat er bijna geen plaats meer was voor bordjes en bestek. Ook al waren we met minstens twaalf personen nadat we klaar waren met eten leek het alsof we nauwelijks iets hadden gehad. Alle schalen waren bijna net zo vol als toen we aan tafel gingen. Gelukkig vonden we genade in de ogen van onze gulle gastvrouw en werden we niet gedwongen alle schalen leeg te eten zoals het Egyptische gastvrijheid betaamd.
Dit is iets dat we zeker zullen missen, de hartelijkheid en gastvrijheid van Egyptenaren. We zullen proberen iets van deze goede gewoonten mee te nemen naar Nederland en Canada. Wellicht hebben we hiervoor nog een plekje in onze koffers, als we die plastic piramides en papirus posters achterlaten.
05 July, 2009
Subscribe to:
Post Comments (Atom)
No comments:
Post a Comment